Hoe organiseer je een bedrijfsbezoek voor vmbo-leerlingen?

Een goed bedrijfsbezoek voor vmbo-leerlingen organiseer je door vooraf een duidelijk leerdoel te bepalen, een passend bedrijf te kiezen en leerlingen actief voor te bereiden. Laat leerlingen tijdens het bezoek gericht kijken naar beroepen, werkzaamheden, beroepsvaardigheden en de werkomgeving. Geef hen een concrete opdracht en plan na afloop tijd voor reflectie. Zo wordt een bedrijfsbezoek meer dan een rondleiding en draagt het daadwerkelijk bij aan beroepsoriëntatie en praktijkgericht leren.

Waarom een bedrijfsbezoek organiseren?

Een bedrijfsbezoek brengt de beroepspraktijk letterlijk dichter bij leerlingen.

Tijdens lessen kun je vertellen hoe een organisatie werkt of welke werkzaamheden bij een beroep horen. Op locatie zien leerlingen zelf hoe medewerkers samenwerken, welke materialen worden gebruikt en hoe een echte werkomgeving eruitziet.

Dat kan leerlingen helpen om een realistischer beeld te krijgen van beroepen en sectoren.

Een bedrijfsbezoek draagt bijvoorbeeld bij aan:

  • beroepsoriëntatie;
  • loopbaanoriëntatie;
  • kennismaken met verschillende sectoren;
  • ontdekken van beroepsvaardigheden;
  • verbinding tussen theorie en praktijk;
  • voorbereiding op stage en mbo.

Vooral voor leerlingen die nog weinig beeld hebben van hun toekomstige mogelijkheden kan zo’n ervaring waardevol zijn.

Begin met een duidelijk doel

Een bedrijfsbezoek organiseren begint niet met de vraag:

“Welk bedrijf kunnen we bezoeken?”

Begin liever met:

“Wat willen we dat leerlingen tijdens dit bezoek ontdekken?”

Mogelijke leerdoelen zijn bijvoorbeeld:

  • leerlingen ontdekken welke beroepen binnen een organisatie bestaan;
  • leerlingen onderzoeken welke beroepsvaardigheden medewerkers nodig hebben;
  • leerlingen krijgen een beeld van een bepaalde sector;
  • leerlingen zien hoe werkzaamheden in de praktijk worden georganiseerd;
  • leerlingen onderzoeken welke beroepen bij hun interesses passen.

Met een duidelijk doel wordt het gemakkelijker om een geschikt bedrijf én passende opdrachten te kiezen.

Kies een bedrijf dat bij de leerlingen past

Niet ieder bedrijf is automatisch geschikt voor een bedrijfsbezoek.

Kijk bijvoorbeeld naar:

  • leeftijd van de leerlingen;
  • vmbo-profiel;
  • leerjaar;
  • interesses;
  • onderwerpen die tijdens de lessen spelen;
  • mogelijkheden om werkzaamheden daadwerkelijk te zien.

Voor Zorg en Welzijn kan bijvoorbeeld een zorgorganisatie, kinderopvang of welzijnsorganisatie interessant zijn.

Binnen Dienstverlening & Producten kun je denken aan een evenementenorganisatie, mediabedrijf, hotel, winkel of andere dienstverlenende organisatie.

Ook binnen het Praktijkgericht Programma kunnen bedrijfsbezoeken goed worden gekoppeld aan projecten en vraagstukken uit de praktijk.

Kijk verder dan grote bekende bedrijven

Een interessant bedrijfsbezoek hoeft niet plaats te vinden bij een grote landelijke organisatie.

Juist lokale bedrijven kunnen veel mogelijkheden bieden.

Een kleiner bedrijf kan leerlingen soms gemakkelijker laten zien:

  • welke verschillende werkzaamheden plaatsvinden;
  • hoe collega’s samenwerken;
  • hoe contact met klanten verloopt;
  • hoe opdrachten worden uitgevoerd;
  • welke verantwoordelijkheden medewerkers hebben.

Bovendien kan een eerste bedrijfsbezoek later leiden tot andere vormen van samenwerking.

👉 Lees ook: Samenwerken met lokale bedrijven | Vmbo | Dubbelklik

Zoek naar een inhoudelijke match

Een bedrijfsbezoek wordt sterker wanneer het aansluit bij wat leerlingen op dat moment leren.

Werken leerlingen bijvoorbeeld aan klantgerichtheid? Kies dan een organisatie waar veel klantcontact plaatsvindt.

Werken zij aan plannen en organiseren? Bezoek dan bijvoorbeeld een organisatie waar projecten, evenementen of logistieke processen een belangrijke rol spelen.

Hierdoor herkennen leerlingen tijdens het bezoek onderwerpen uit hun lessen.

Neem op tijd contact op

Bedrijven hebben hun eigen werkzaamheden en planning.

Neem daarom ruim van tevoren contact op.

Leg kort uit:

  • van welke school je komt;
  • welk leerjaar je wilt meenemen;
  • om hoeveel leerlingen het gaat;
  • wat het doel van het bezoek is;
  • welke onderwerpen leerlingen behandelen;
  • wanneer je het bezoek ongeveer wilt organiseren.

Vraag ook wat het bedrijf zelf kan en wil laten zien.

Zo kun je samen tot een programma komen dat voor beide partijen haalbaar is.

Bespreek verwachtingen vooraf

Maak duidelijke afspraken met het bedrijf.

Bespreek bijvoorbeeld:

  • datum en tijd;
  • duur van het bezoek;
  • groepsgrootte;
  • programma;
  • begeleiders;
  • veiligheidsregels;
  • kledingvoorschriften;
  • fotografie;
  • privacy;
  • mogelijke opdrachten;
  • contactpersoon op locatie.

Controleer ook of er praktische voorwaarden gelden voor minderjarige bezoekers.

Een goede voorbereiding voorkomt verrassingen op de dag zelf.

Houd rekening met veiligheid

Bij een bedrijfsbezoek komen leerlingen in een echte werkomgeving.

Veiligheid verdient daarom extra aandacht.

Vraag vooraf bijvoorbeeld:

  • Zijn bepaalde ruimtes niet toegankelijk?
  • Zijn veiligheidsschoenen of andere beschermingsmiddelen nodig?
  • Mogen leerlingen machines benaderen?
  • Welke instructies gelden bij aankomst?
  • Zijn er bijzondere risico’s?
  • Hoe groot mogen de groepen zijn?

Bespreek de regels ook vooraf met leerlingen.

Zo weten zij dat zij een professionele werkomgeving bezoeken en zich daarnaar moeten gedragen.

Bereid leerlingen inhoudelijk voor

Een bedrijfsbezoek zonder voorbereiding kan al snel veranderen in een rondleiding waarbij leerlingen vooral achter de gids aanlopen.

Bespreek daarom vooraf welk bedrijf zij bezoeken.

Laat leerlingen bijvoorbeeld onderzoeken:

  • Wat doet het bedrijf?
  • Welke producten of diensten levert het?
  • Wie zijn de klanten?
  • Welke beroepen verwachten we daar?
  • Welke vragen hebben we?

Leerlingen komen daardoor met meer voorkennis binnen en herkennen tijdens het bezoek meer.

Bespreek professioneel gedrag

Voor sommige leerlingen is een bedrijfsbezoek een van de eerste momenten waarop zij bewust een professionele organisatie bezoeken.

Bespreek daarom vooraf wat er van hen wordt verwacht.

Denk aan:

  • op tijd aanwezig zijn;
  • medewerkers begroeten;
  • luisteren wanneer iemand uitleg geeft;
  • passende vragen stellen;
  • telefoon alleen gebruiken wanneer dat is afgesproken;
  • respectvol omgaan met medewerkers en materialen;
  • instructies opvolgen.

Leg ook uit waarom dit belangrijk is.

Een bedrijfsbezoek is daarmee direct een oefening in professionele houding.

Laat leerlingen vooraf vragen bedenken

Geef leerlingen niet pas op locatie de opdracht om iets te vragen.

Laat hen vooraf vragen voorbereiden.

Bijvoorbeeld:

  • Welke beroepen zijn er binnen dit bedrijf?
  • Hoe ziet een gemiddelde werkdag eruit?
  • Welke opleiding heeft u gevolgd?
  • Welke vaardigheden zijn belangrijk?
  • Wat vindt u het leukste aan uw werk?
  • Wat is lastig aan uw beroep?
  • Werkt u vooral zelfstandig of samen?
  • Welke mogelijkheden zijn er om door te groeien?

Verdeel eventueel verschillende vragen over groepjes.

Geef leerlingen een concrete opdracht

Een gerichte opdracht zorgt ervoor dat leerlingen tijdens het bezoek actief blijven kijken en luisteren.

Laat hen bijvoorbeeld drie beroepen onderzoeken.

Per beroep beantwoorden zij:

  1. Wat doet deze medewerker?
  2. Welke opleiding is nodig?
  3. Welke vaardigheden zijn belangrijk?
  4. Hoe ziet de werkomgeving eruit?
  5. Wat spreekt mij aan?
  6. Wat past minder goed bij mij?

Hierdoor wordt het bedrijfsbezoek direct gekoppeld aan beroepsoriëntatie.

👉 Lees ook: Kennismaken met verschillende beroepen | Dubbelklik

Maak de opdracht niet te uitgebreid

Een werkblad met dertig vragen kan ervoor zorgen dat leerlingen vooral bezig zijn met schrijven.

Dat gaat ten koste van de ervaring.

Kies daarom een beperkt aantal gerichte vragen.

Leerlingen moeten voldoende ruimte houden om:

  • rond te kijken;
  • uitleg te volgen;
  • vragen te stellen;
  • gesprekken te voeren;
  • de sfeer van de werkomgeving te ervaren.

De opdracht ondersteunt het bezoek, maar moet het niet overnemen.

Laat medewerkers over hun beroep vertellen

Vraag het bedrijf of verschillende medewerkers kort iets over hun werk kunnen vertellen.

Bijvoorbeeld:

  • wat hun functie is;
  • welke werkzaamheden zij uitvoeren;
  • welke opleiding zij hebben gevolgd;
  • welke vaardigheden zij dagelijks gebruiken;
  • hoe zij bij het bedrijf terecht zijn gekomen.

Dit helpt leerlingen ontdekken dat binnen één organisatie vaak veel verschillende beroepen bestaan.

Een hotel bestaat bijvoorbeeld niet alleen uit medewerkers bij de receptie. Ook marketing, techniek, administratie, horeca, management en facilitaire dienstverlening kunnen een rol spelen.

Laat leerlingen werkzaamheden zien

Een verhaal over een beroep is waardevol, maar zien hoe iemand werkt maakt vaak meer indruk.

Vraag daarom of leerlingen waar mogelijk een werkproces kunnen bekijken.

Bijvoorbeeld:

  • hoe een bestelling wordt verwerkt;
  • hoe een klant wordt ontvangen;
  • hoe een planning wordt gemaakt;
  • hoe een product ontstaat;
  • hoe materialen worden gebruikt;
  • hoe medewerkers samenwerken.

Zo wordt de koppeling met de praktijk veel sterker.

Laat leerlingen waar mogelijk iets ervaren

Niet ieder bedrijf kan leerlingen zelf werkzaamheden laten uitvoeren.

Maar wanneer dat veilig en praktisch mogelijk is, kan een kleine activiteit veel toevoegen.

Leerlingen kunnen bijvoorbeeld:

  • een eenvoudige opdracht uitvoeren;
  • een product beoordelen;
  • een klantcasus oplossen;
  • een ontwerp bekijken;
  • een planning maken;
  • een korte beroepshandeling oefenen.

Zelf ervaren blijft vaak beter hangen dan alleen luisteren.

Werk met kleine groepen

Een rondleiding met dertig leerlingen tegelijk maakt interactie lastig.

Verdeel een klas daarom waar mogelijk in kleinere groepen.

De ene groep kan bijvoorbeeld een rondleiding krijgen terwijl een andere groep met een medewerker in gesprek gaat.

Daarna wisselen de groepen.

In kleine groepen stellen leerlingen vaak gemakkelijker vragen en kunnen medewerkers meer uitleg geven.

Maak beroepsvaardigheden zichtbaar

Laat leerlingen niet alleen kijken naar wat medewerkers doen, maar ook naar hoe zij werken.

Vraag bijvoorbeeld:

  • Waar zie je samenwerking?
  • Wanneer moet iemand professioneel communiceren?
  • Waar is planning belangrijk?
  • Wanneer moet een medewerker zelfstandig beslissen?
  • Hoe wordt klantgericht gewerkt?
  • Welke problemen moeten medewerkers oplossen?

Hierdoor leren leerlingen beroepsvaardigheden herkennen in een echte werkomgeving.

Koppel het bezoek aan praktijkopdrachten

Een bedrijfsbezoek hoeft geen losse activiteit te zijn.

Gebruik de opgedane kennis daarna tijdens een praktijkopdracht.

Leerlingen kunnen bijvoorbeeld:

  • een advies voor het bedrijf maken;
  • een beroepspresentatie geven;
  • een proces uitwerken;
  • een activiteit ontwerpen;
  • een promotieproduct ontwikkelen;
  • een probleem uit de praktijk oplossen.

Hierdoor krijgt het bedrijfsbezoek een vervolg binnen de lessen.

Combineer een bedrijfsbezoek met een opdrachtgever

Een interessante vervolgstap is om het bedrijf een praktijkvraagstuk te laten aanleveren.

Tijdens het bedrijfsbezoek leren leerlingen eerst de organisatie kennen.

Daarna krijgen zij bijvoorbeeld de opdracht:

“Hoe kunnen we meer jongeren bereiken?”

of:

“Ontwikkel een activiteit voor een specifieke doelgroep.”

Leerlingen werken vervolgens op school aan een oplossing en presenteren deze later aan het bedrijf.

Zo ontstaat een complete praktijkgerichte opdracht.

👉 Lees ook: Omgaan met een opdrachtgever in het vmbo | Dubbelklik

Laat leerlingen professioneel communiceren

Een bedrijfsbezoek is ook een kans om communicatievaardigheden te oefenen.

Laat leerlingen bijvoorbeeld zelf:

  • een medewerker interviewen;
  • vragen stellen;
  • zichzelf voorstellen;
  • informatie samenvatten;
  • iemand bedanken.

Hiermee wordt beroepsoriëntatie gecombineerd met beroepsvaardigheden.

👉 Lees ook: Professioneel communiceren in het vmbo | Dubbelklik

Geef leerlingen verschillende rollen

Bij grotere groepen kun je leerlingen verantwoordelijkheden geven.

Denk aan:

  • interviewer;
  • notulist;
  • fotograaf, wanneer fotografie is toegestaan;
  • tijdsbewaker;
  • observator;
  • presentator.

Hierdoor krijgen leerlingen een actieve rol en voorkom je dat slechts enkele leerlingen deelnemen.

Plan tijd voor vragen

Een bedrijfsbezoek wordt vaak volgepland.

Daardoor blijft aan het einde nauwelijks tijd over voor vragen.

Plan bewust een moment waarop leerlingen met medewerkers in gesprek kunnen.

Juist vragen zoals:

“Hoe wist u dat dit beroep bij u paste?”

of:

“Wat had u op mijn leeftijd willen weten?”

kunnen voor leerlingen interessante inzichten opleveren.

Sluit het bezoek gezamenlijk af

Neem voordat de groep vertrekt een paar minuten om het bezoek af te ronden.

Laat bijvoorbeeld enkele leerlingen vertellen:

  • wat hen opviel;
  • welk beroep ze hebben ontdekt;
  • wat ze interessant vonden;
  • wat ze nog willen weten.

Bedank het bedrijf en de medewerkers ook gezamenlijk.

Dat draagt bij aan professioneel gedrag en een goede relatie met de organisatie.

Reflecteer na afloop in de klas

De echte opbrengst van een bedrijfsbezoek wordt vaak pas zichtbaar wanneer leerlingen erover nadenken.

Bespreek daarom tijdens de volgende les:

  • Wat heb je ontdekt?
  • Welk beroep kende je nog niet?
  • Welke werkzaamheden spraken je aan?
  • Welke beroepsvaardigheden heb je gezien?
  • Wat vond je verrassend?
  • Zou je binnen deze organisatie willen werken?
  • Waarom wel of niet?

Zo koppelen leerlingen de ervaring aan hun eigen interesses en kwaliteiten.

Laat leerlingen een persoonlijk beroepsbeeld maken

Je kunt de reflectie ook individueel maken.

Laat leerlingen bijvoorbeeld invullen:

Dit beroep heb ik ontdekt:

Dit zijn belangrijke werkzaamheden:

Deze vaardigheden heb je nodig:

Dit spreekt mij aan:

Dit past minder goed bij mij:

Hierover wil ik meer ontdekken:

Daarmee wordt het bedrijfsbezoek onderdeel van loopbaanoriëntatie.

Gebruik het bezoek als startpunt voor LOB

Een bedrijfsbezoek kan leerlingen helpen om gerichter na te denken over hun toekomst.

Koppel de ervaring bijvoorbeeld aan vragen zoals:

  • Waar ben ik goed in?
  • Welke werkomgeving past bij mij?
  • Werk ik graag met mensen?
  • Wil ik vooral praktisch bezig zijn?
  • Vind ik organiseren interessant?
  • Werk ik graag zelfstandig of juist samen?
  • Welke opleiding sluit hierbij aan?

Zo gaat beroepsoriëntatie verder dan alleen kennismaken met een bedrijf.

Evalueer ook met het bedrijf

Vraag na afloop kort hoe het bedrijf het bezoek heeft ervaren.

Bijvoorbeeld:

  • Was de groepsgrootte passend?
  • Waren leerlingen voldoende voorbereid?
  • Werkte het programma?
  • Wat zou een volgende keer beter kunnen?
  • Zijn er mogelijkheden voor verdere samenwerking?

Hiermee kun je volgende bezoeken verbeteren.

Bouw aan een duurzame samenwerking

Een succesvol bedrijfsbezoek kan het begin zijn van een langdurigere samenwerking.

Een organisatie kan later bijvoorbeeld:

  • een gastles verzorgen;
  • stageplaatsen aanbieden;
  • een praktijkopdracht aanleveren;
  • deelnemen aan een beroepenmarkt;
  • feedback geven op leerlingproducten;
  • als opdrachtgever optreden.

Hierdoor ontstaat een sterkere verbinding tussen school en regionale beroepspraktijk.

Bedrijfsbezoeken binnen Zorg en Welzijn

Binnen Zorg en Welzijn kun je bijvoorbeeld denken aan bezoeken aan:

  • zorginstellingen;
  • kinderopvangorganisaties;
  • welzijnsorganisaties;
  • sportorganisaties;
  • facilitaire organisaties.

Laat leerlingen daarbij vooral kijken naar de diversiteit aan functies binnen één organisatie.

Zo krijgen zij een breder beeld van de sector.

Bedrijfsbezoeken binnen Dienstverlening & Producten

Binnen D&P zijn veel verschillende organisaties interessant.

Denk bijvoorbeeld aan:

  • evenementenbedrijven;
  • hotels;
  • winkels;
  • mediabedrijven;
  • recreatiebedrijven;
  • communicatiebureaus;
  • dienstverlenende organisaties.

Koppel het bezoek bij voorkeur aan een praktijkopdracht die leerlingen voor of na het bezoek uitvoeren.

Bedrijfsbezoeken binnen het Praktijkgericht Programma

Binnen het Praktijkgericht Programma kan een bedrijfsbezoek direct onderdeel zijn van een groter project.

Leerlingen kunnen bijvoorbeeld:

  1. kennismaken met het bedrijf;
  2. medewerkers interviewen;
  3. een praktijkvraagstuk ontvangen;
  4. op school onderzoek doen;
  5. een oplossing ontwikkelen;
  6. het resultaat aan de opdrachtgever presenteren.

Hierdoor wordt het bezoek onderdeel van een compleet leerproces.

Veelgemaakte fouten bij bedrijfsbezoeken

Een bedrijfsbezoek levert minder op wanneer leerlingen vooral passief deelnemen.

Veelvoorkomende valkuilen zijn:

  • geen duidelijk leerdoel;
  • onvoldoende voorbereiding;
  • te veel informatie tijdens de rondleiding;
  • een te groot werkblad;
  • leerlingen alleen laten luisteren;
  • geen koppeling met de lessen;
  • geen reflectie achteraf.

Met relatief eenvoudige voorbereiding kun je deze problemen voorkomen.

Waarom kiezen scholen voor Dubbelklik?

Dubbelklik ontwikkelt praktijkgericht lesmateriaal waarmee leerlingen de verbinding leggen tussen school en beroepspraktijk.

Het lesmateriaal:

  • bevat realistische praktijkopdrachten;
  • stimuleert beroepsoriëntatie;
  • ontwikkelt beroepsvaardigheden;
  • biedt ruimte voor externe opdrachtgevers;
  • stimuleert zelfstandig werken;
  • sluit aan op verschillende beroepscontexten;
  • is direct inzetbaar.

Een bedrijfsbezoek kan daardoor eenvoudig worden gekoppeld aan opdrachten die leerlingen voor of na het bezoek uitvoeren.

Hoe Dubbelklik helpt

Met het lesmateriaal van Dubbelklik kunnen leerlingen ervaringen uit een bedrijfsbezoek verder verwerken binnen praktijkgerichte opdrachten.

Ze onderzoeken, communiceren, plannen, presenteren en reflecteren op beroepsvaardigheden en werkzaamheden.

Zo wordt een bezoek aan een bedrijf geen los uitstapje, maar onderdeel van een bredere kennismaking met de beroepspraktijk.

👉 Bekijk ook het Lesmateriaal voor VMBO? #1 in lesmateriaal | Dubbelklik.nu

Veelgestelde vragen

Hoe organiseer je een bedrijfsbezoek voor vmbo-leerlingen?

Bepaal eerst het leerdoel, kies een passend bedrijf en maak duidelijke afspraken over het programma en de veiligheid. Bereid leerlingen voor, geef hen tijdens het bezoek een actieve opdracht en reflecteer achteraf.

Hoe bereid je leerlingen voor op een bedrijfsbezoek?

Bespreek vooraf het bedrijf, het doel van het bezoek, professioneel gedrag en eventuele veiligheidsregels. Laat leerlingen daarnaast vragen voorbereiden.

Welke opdracht kun je leerlingen geven tijdens een bedrijfsbezoek?

Laat leerlingen bijvoorbeeld verschillende beroepen onderzoeken, beroepsvaardigheden observeren of een medewerker interviewen.

Hoe maak je een bedrijfsbezoek actief?

Werk met kleine groepen, geef leerlingen verschillende rollen, laat hen vragen stellen en voeg waar mogelijk een korte praktische activiteit toe.

Waarom is reflectie na een bedrijfsbezoek belangrijk?

Door achteraf te reflecteren verbinden leerlingen hun ervaringen aan hun eigen interesses, kwaliteiten en mogelijke vervolgopleidingen of beroepen.

Samenvatting

Een succesvol bedrijfsbezoek vraagt om meer dan het regelen van een locatie en vervoer.

Door:

  • vooraf een duidelijk leerdoel te bepalen;
  • een passend bedrijf te kiezen;
  • goede afspraken te maken;
  • aandacht te besteden aan veiligheid;
  • leerlingen inhoudelijk voor te bereiden;
  • een concrete opdracht mee te geven;
  • leerlingen actief met professionals te laten praten;
  • het bezoek te koppelen aan praktijkopdrachten;
  • na afloop te reflecteren;

maak je van een bedrijfsbezoek een waardevol onderdeel van praktijkgericht onderwijs.

Leerlingen krijgen zo een realistischer beeld van beroepen, organisaties en beroepsvaardigheden en kunnen beter ontdekken welke richting bij hen past.

Aanvraag werkbladen

Vul het formulier in en ontvang na validatie toegang tot de premium werkbladen van Dubbelklik